Oud-Intel-ingenieur: Apple houdt misleidende benchmarkpraktijken aan voor M1-SoC

80 reacties

Apple heeft met de M1-soc een zeer zuinige processor op basis van de arm-instructieset die menige x86-chip (en ook sommige gpu's) voorbijschiet. De voormalige Intel-chipontwerper François Piednoël zegt op zijn YouTubekanaal echter dat Apple er misleidende benchmarkpraktijken op nalaat.

Piednoël benadrukt dat de M1 een erg grote L1-cache heeft voor zijn kaliber. Dit snelste cacheformaat moet voor een aantal 'oneerlijke voordelen' zorgen, doordat veel benchmarks volledig in deze L1-cache passen. Dat kan de instructies per klokcyclus kunstmatig verhogen, omdat dit geheugen het snelst toegankelijk is voor de M1-cpu-cores. Met name benchmarks die al een tijd meegaan moeten hier veel baat bij hebben, zoals Spec2006 en Geekbench.

Hij zegt dat als je de ipc-waarde probeert te meten je de 'ruwe ipc' als het ware probeert te isoleren van het memory subsystem. Dat betekent dat veel x86-cpu's de benchmark maar voor een deel kunnen opslaan in de L1-cache, de rest moet uit het lager gelegen geheugen komen. Bij de M1 gaat het ophalen van deze informatie dus een stuk sneller. De Franse ingenieur verklaart dat je met de M1 eerder de prestaties van het gehele systeem meet, in plaats van de ipc van de cpu.

Uiteraard mag gezegd worden dat het ietwat 'Apple's  met peren vergelijken' blijft, vooral omdat er weinig real-world benchmarks zijn om de prestaties één op één mee te testen. Daarnaast draait veel software nog via de Rosetta-emulatielaag, wat de prestaties nog terug kan houden.

Bron: François Piednoël

« Vorig bericht Volgend bericht »
0
*