11 projectoren tot 1500 euro getest

24 reacties
Inhoudsopgave
  1. 1. Inleiding
  2. 2. LCD en DLP
  3. 3. Voor- en nadelen van DLP projectie
  4. 4. Sanyo, Epson, Mitsubishi
  5. 5. Hitachi, ViewSonic, 3M, Canon
  6. 6. Sony, Infocus, BenQ, Acer
  7. 7. Specificaties
  8. 8. Conclusie
  9. 24 reacties

Inleiding

Een standaard 4:3 TV kan natuurlijk écht niet meer en een grote breedbeeld-bak begint ook ouderwets te worden. Platte plasma en LCD schermen zijn hip, maar nog altijd heel erg prijzig. Er is echter een alternatief als je films op een groot scherm wilt bekijken. Met prijzen die vanaf ongeveer 1000 euro beginnen, bieden veel projectorfabrikanten een goed alternatief voor de TV. Bovendien zijn vrijwel alle projectoren voorzien van een VGA aansluiting, zodat je ze ook aan de PC kunt hangen om lekker op grootbeeld te gamen.

De voordelen van een projector zijn legio. Niet alleen is het beeld dat je kunt projecteren een stuk groter dan dat van de grootste TV, je zit ook niet met een enorme kast in je woonkamer. Natuurlijk zijn er tegenwoordig ook platte plasma TV’s met een groot beeldoppervlak te verkrijgen, maar de prijzen daarvan liggen een stuk hoger dan die van een budgetprojector. Andere voordelen van de huidige generatie projectoren zijn het geringe gewicht en de compacte afmetingen, die het gemakkelijk maken om een projector te verplaatsen of mee te nemen.

Nadelen van projectie

Het gebruik van een projector kent helaas niet alleen voordelen, er zijn ook nadelige punten waarmee rekening gehouden dient te worden. De belangrijkste daarvan is zondermeer de verlichting in de ruimte waar de projector staat. Alle marketingclaims ten spijt geldt namelijk dat projecteren bij daglicht niet tot goede resultaten leidt, vooral bij weergave van video. Projectoren van tegenwoordig hebben weliswaar een zeer hoge lichtopbrengst, zodat bijvoorbeeld Powerpoint presentaties bij daglicht goed te volgen zijn, maar beelden met veel donkere tinten zoals games of videobeelden, zien er bij daglicht nooit écht goed uit. En de reden daarvoor is simpel. Bij frontprojectie wordt gebruik gemaakt van een wit doek waarop de beelden geprojecteerd worden. Logischerwijs is het hierbij niet mogelijk om een lichtintensiteit weer te geven die lager is dan die van het omgevingslicht, een projector kan immers geen licht ‘weghalen’. Als er al veel licht op het doek valt dan zullen alle nuances die minder intens zijn dan het omgevingslicht grotendeels verloren gaan. Om het simpeler te zeggen: Het wit van het doek is gelijk aan het donkerste zwart dat je kunt projecteren. Om écht donkere tinten te projecteren geldt nog altijd dat de ruimte eigenlijk verduisterd moet zijn: Dan valt er immers geen licht op het doek en zullen ook details met een zeer lage lichtintensiteit op het scherm te onderscheiden zijn.
Ook is het zo dat projectoren zelden of nooit beschikken over een TV-tuner. Om TV te kijken met een projector is dus altijd een apparaat met een tuner, bijvoorbeeld een videorecorder, nodig om het signaal aan te leveren.
Een ander nadeel dat, afhankelijk van de projector, storend kan zijn is de zichtbaarheid van de pixelstructuur van de projector. Afhankelijk van de resolutie, de gebruikte technologie en de grootte van het beeld kunnen de afzonderlijke pixels soms goed zichtbaar zijn. Vooral projectoren die gebaseerd zijn op LCD technologie hebben vaak een duidelijk zichtbare pixelstructuur.

0
*