Corsair Carbide Air 240 review: een ware Napoleon

19 reacties
Inhoudsopgave
  1. 1. Inleiding
  2. 2. Uiterlijk
  3. 3. Intern en koeling
  4. 4. Testprocedure
  5. 5. Testresultaten koeling 50 en 50+50 watt
  6. 6. Testresultaten koeling 100 en 100+100 watt
  7. 7. Testresultaten geluidsproductie
  8. 8. Foto's
  9. 9. Specificaties
  10. 10. Conclusie
  11. 11. Besproken producten
  12. 12. Reacties

Inleiding

Corsair introduceerde alweer de nodige tijd geleden de Carbide Air 540, een ogenschijnlijk compacte (maar eigenlijk best wel grote) kubusvormige behuizing die een truc heel goed beheerste: lucht bijzonder snel door de behuizing laten blazen. Aan de uitstekende koelprestaties werd wat afbreuk gedaan door de geluidsproductie, maar voor de overklokker die toch een behuizing om zijn systeem wilde hebben, was het een zeer interessante keuze. Met de Carbide Air 240 wil Corsair deze truc herhalen, maar dan op micro-ATX formaat. Wij testten de behuizing en doen verslag.

Met 1500 producten per jaar in het testlab wil het wel eens voorkomen dat we een product testen, waarvan we achteraf wilden dat we er wat meer aandacht aan hadden gegeven. Corsairs Carbide Air 540 is daar een voorbeeld van - deze behuizing belandde uiteindelijk in een vergelijkingstest met 25 andere mid-range kasten, maar tijd voor een afzonderlijke review vonden we niet. Dat is jammer, want in die test blonk de Air 540 uit door zijn extreem goede koelprestaties - en viel hij op door zijn zeer luide geluidsproductie wanneer de fans op vol vermogen draaiden. Hij kreeg een Gold Award, maar heel uitgebreid konden we er in die test niet op in gaan.

Corsair Carbide Air 240 Black
De Air 540 heeft een klein broertje gekregen.

Dat heeft verder weinig invloed gehad op de populariteit van deze kast, want hij staat nog altijd op de eerste pagina van onze productgroeppagina met behuizingen, die standaard op populariteit is gesorteerd. Omdat hij deel uitmaakt van de Carbide serie is het niet de duurste behuizing van Corsair, al is hij met gemiddeld zo'n 120 euro ook niet goedkoop te noemen. De top van het mid-range segment, zo zouden we het aanduiden.

Corsair Carbide Air 240 Black

Nu kleinere behuizingen voor mini-ITX en micro-ATX steeds populairder worden, breidt ook Corsair haar toch al indrukwekkende assortiment ook verder uit in die richting. Het had al de micro-ATX 350D in de Obsidian reeks en de Carbide Air 240 die we vandaag bespreken is de nieuwste loot aan de stam. Net als de grote broer is hij relatief betaalbaar, maar voor gemiddeld een kleine 90 euro is hij niet goedkoop te noemen. Aan de andere kant, heel uitzonderlijk is het niet voor wat luxere micro-ATX modellen.

In de vergelijking

We hebben heel wat micro-ATX kasten getest, maar bij de Air 240 liepen we tegen een interessante uitdaging aan bij het vergelijken. Door de indeling - waarover verderop meer - is onze standaard testopstelling niet geschikt voor deze kast. Het wordt simpelweg te snel te warm. Om die reden hebben we de kast getest met onze mini-ITX testopstelling en dat beperkt het vergelijkingsmateriaal. We hadden graag de directe vergelijking gemaakte met de Aerocool Dead Silence en de Fractal Design Node 804, maar dat is helaas niet mogelijk.

Gelukkig zijn we bezig om deze testopstelling ook voor andere kasten in te zetten, waardoor we wel wat te vergelijken hebben. We zetten de Air 240 tegenover de vergelijkbaar geprijsde Obsidian 350D met venster van hetzelfde merk, de Silverstone Temjin TJ08-E met venster en de wat goedkopere Bitfenix Prodigy M. Naast die drie µATX-kasten hebben we de compacte en vergelijkbaar geprijsde ATX-behuizing PC-7HX van Lian Li toegevoegd en de Corsair Obsidian 250D, een uit de kluiten gewassen mini-ITX kast. Ten slotte zetten we de Air 540 ernaast, die we ook met de nieuwe testopstelling aan de tand hebben gevoeld.

Goed te zien is dat de Air 540 een heel stuk groter is dan de nieuwe Air 240. Deze laatste is wel kleiner dan de 350D, en weer wat groter dan de Mini-ITX 250D.

Uiterlijk

Corsair heeft de Air 240 ogenschijnlijk net zo vormgegeven als de Air 540. De rechterkant van het voorpaneel is strak plastic, de linkerkant bevat de nodige mesh om koele lucht naar binnen te loodsen. Het linkerpaneel bevat een venster dat bijna de gehele zijkant beslaat.

Corsair Carbide Air 240 Black
Je kan de Air 240 ook zo gebruiken.

Als je wilt, kan je de Air 240 ook een kwartslag draaien. Het linkerpaneel wordt dan de bovenkant. Het logo kan je bovendien meedraaien - de aanduidingen bij de front-aansluitingen echter niet. Dit was een manier waarop sommigen ook de Air 540 naar verluidt gebruiken; Corsair heeft hier gehoor aan gegeven met het roterende logo en de rubberen voetjes, die je naar believen kan vastplakken om de kast in de door jou gewenste positie te ondersteunen. Het is een kleinigheid, maar het merk laat zo wel zien naar haar gebruikers te luisteren.

Corsair Carbide Air 240 Black

De front-aansluitingen zijn verder basaal. Twee keer USB 3.0, twee keer audio, reset- en powerknoppen. Afdoende, maar geen geheugenkaartlezer en gezien de afwezigheid van een inbouwmogelijkheid van een intern 3,5" station betekent dit dat je bent aangewezen op een extern exemplaar. Ook voor 5,25" modules is er geen inbouwruimte.

Corsair Carbide Air 240 Black

De roosters van de voorzijde lopen langs de bovenkant door tot aan de achterzijde. Corsair noemt dit een 'Direct Airflow Path' ontwerp, dat erop gericht is om de onderdelen die het heetst worden, zo effectief mogelijk te koelen. Aldaar treffen we een indeling die al verraadt hoe de kast in elkaar steekt: aan een kant een compartiment voor moederbord en insteekkaarten, daarnaast een voor de voeding en opslagmedia.

Corsair Carbide Air 240 Black

Insteekkaarten kunnen zonder schroeven vastgezet worden. Dat zien we vaker, maar het mechanisme dat Corsair heeft gebruikt is prettig solide, wat niet altijd het geval is.

Corsair Carbide Air 240 Black

Ook opmerkelijk is het apart afgesloten compartiment. Achter een afneembaar luik gaan drie sledes voor 3,5" harde schijven schuil (je kan ook 2,5" exemplaren monteren, maar dan moet je schroeven). Dit is slim bedacht, maar doordat er geen hot swap brackets in de kast zitten, moet je voor het plaatsen of vervangen van een schijf toch ook het zijpaneel verwijderen. Een gemiste kans.

Corsair Carbide Air 240 Black

Intern en koeling

Als we de zijkant (of bovenkant, afhankelijk van hoe je hem neerzet) van de Corsair Carbide Air 240 verwijderen, is duidelijk te zien dat de kast in tweeën is gedeeld. De moederbordplaat zit in het midden en bevat naast een flinke opening om een CPU-koeler backplate te monteren, ook heel veel met rubber afgewerkte openingen voor kabels. Er is maximaal 29 cm voor een videokaart, maar een CPU-koeler mag niet hoger zijn dan 12 cm. De reden laat zich raden: Corsair zet ook voor deze kast vooral in op waterkoeling. Verderop meer over de koelmogelijkheden, we kijken eerst nog even verder naar de inbouwopties.

Corsair Carbide Air 240 Black

Achter het rechterpaneel bevinden zich twee hardeschijfkooien. Deze zijn desgewenst uitneembaar. Met een hadden we al kennisgemaakt: die is ook van buitenaf toegankelijk. De andere is bestemd voor 2,5" drives, je kan drie stuks kwijt in het rack aan de voorzijde. Al bij al meer dan voldoende ruimte voor opslagmedia. Wel onhandig is dat je ook voor de 2,5" inch drives zowel de bovenplaat als de zijplaat moet verwijderen, want deze laat je er ondersteboven inzakken. Qua kabelbevestiging is dit optimaal, maar ook hier hadden we liever hot swap aansluitingen gezien. Wat verder opvalt aan de harddiskbevestiging is dat de sledes voorzien zijn van dikke rubbers aan de binnenkant, maar dat het vrij harde plastic aan de buitenkant direct contact maakt met het metaal. Of vibraties geheel gedempt zullen worden, is dan ook de vraag.

Corsair Carbide Air 240 Black

Deze constructie laat genoeg ruimte over om op de bodem een flinke voeding (tot 22,5 cm lang) kwijt te kunnen. Die wordt op zijn zijkant geplaatst, vandaar dat het rechterpaneel is voorzien van een rooster met een magnetisch stoffilter. Corsair wordt steeds beter in die stoffilters: eerdere exemplaren sloten niet altijd even netjes aan of waren wat dun, deze lijkt op het eerste gezicht onderdeel van het paneel, zo mooi sluit hij aan. Ook is het prettig stevig.

Corsair Carbide Air 240 Black

Inbouwen is dus een fluitje van een cent met deze behuizing. Hoe zit het met de koeling? Corsair levert zelf standaard drie 12 cm AF120L fans mee, twee intake aan de voorzijde van het linkercompartiment voor moederbord en insteekkaarten, en een derde outtake boven de positie waar de CPU zit. Dat is al een redelijk goede configuratie, maar je kan desgewenst nog meer kwijt. Twee keer 8 cm aan de achterzijde, een extra 12 cm aan de bovenkant en twee 12 cm fans aan de onderkant.

Corsair Carbide Air 240 Black

Voor waterkoeling is er ook ruimte. Eventueel in het voorpaneel een 240 mm radiator, maar die kan je in combinatie met een mini-ITX moederbord ook op de bodem van het linkercompartiment plaatsen. Corsair maakt er zelf geen melding van, maar een radiator aan de bovenzijde zou wellicht ook nog kunnen, als je de daar aanwezige fan verwijdert. Koelopties te over dus, maar hoe doet de Air 240 het met de standaardkoeling?

Corsair Carbide Air 240 Black

Testprocedure

Doorgaans gebruiken we voor ATX en micro-ATX behuizingen een testprocedure op basis van gloeilampen voor de productie van reproduceerbare, voorspelbare warmte. Voor mini-ITX behuizingen hanteren we een andere testprocedure dan voor grotere behuizingen. De reden hiervoor is dat de testopstelling voor grote behuizingen niet past in de veelal erg kleine mini-ITX kastjes. Deze procedure hebben we ook voor de Corsair Carbide Air 240 moeten toepassen, aangezien het venster van de kast te dicht bij de gloeilampen komt om deze test veilig uit te voeren.

We hebben in de loop der tijd verschillende testopstellingen bedacht en uitgeprobeerd en hebben nu een zeer effectief en consistent testplatform gemaakt. Gelukkig hebben we de nodige ATX en micro-ATX behuizingen ook getest met dit systeem, zodat we enig vergelijkingsmateriaal hebben.

Zoals bekend bevinden zich in elke computer warmtebronnen die ervoor zorgen dat de temperatuur in de behuizing oploopt, wanneer deze niet voor voldoende ventilatiemogelijkheden zorgt. De grootste warmtebronnen binnen een krachtige PC zijn de processor en grafische kaart. Afhankelijk van het type kan een processor zonder veel moeite 90 tot 100 watt aan warmte produceren en bij de krachtigste processors kan dat zelfs oplopen tot 130 watt. Ga je de processor overklokken, dan kan het verbruik nog aanzienlijk stijgen.

De tweede warmtebron is de grafische kaart. Een moderne high-end kaart heeft al snel een opgegeven verbruik van 250 watt. Een redelijke processor en videokaart kunnen samen dus zonder al te veel moeite zorgen voor een verbruik van 300 tot 350 watt, energie die vrijwel geheel in warmte wordt omgezet. Neem daarbij nog het verbruik van het moederbord, de harde schijf en een optische drive en de 400 watt komt al snel in zicht.

In Mini-ITX behuizingen is een warmteafgifte van 400 watt echter zelden een goed idee en zal je in de regel een minder extreem systeem monteren. Om die reden hebben we voor deze tests een opstelling gemaakt die maximaal 200 watt aan warmte kan afgeven. Uit kruistests is gebleken dat dit voor de temperatuur in de kast, zolang er maar enige airflow is, weinig uitmaakt. Dat komt ook doordat onze testopstelling voorzien is van actieve koeling in de vorm van zeer platte, stille fans. De keuze voor de warmtebron is uiteindelijk gevallen op het gebruik van vermogensweerstanden van 50 watt. Hiervan bevinden zich er vier in onze testopstelling, twee op een mini-ITX moederbord en twee op een insteekkaart die is gebaseerd op een flinke videokaart.

Door één of twee weerstanden te activeren, simuleren we een systeem dat 50, 100, of 200 watt aan warmte afgeeft. Dat doen we in twee stappen. Eerst meten we 50 en 100 watt met alleen het moederbord, vervolgens 50 watt op het moederbord en 50 watt op de videokaart voor 100 watt totaal, ten slotte 100 watt op beide. Het is in theorie mogelijk meer variaties te testen, maar de test duurt dan te lang om deze rendabel uit te voeren: we hebben geprobeerd een zinnige keuze te maken. Het voordeel van deze benadering en keuze is, dat we zowel platte mini-ITX-behuizingen zonder ruimte voor een videokaart, als grotere exemplaren met die ruimte kunnen meten én vergelijken.

Op het geprepareerde moederbord hebben we ook een temperatuursensor gemonteerd waarmee we de temperatuur binnen de kast meten. Nadat de temperatuur in de kast is gestabiliseerd, meten we deze bij een belasting van 50 watt om een instapsysteem (bijvoorbeeld een HTPC) te simuleren, 50+50 watt voor een systeem met aparte videokaart, 100 watt voor een compact krachtig systeem en 100+100 watt om een high-end systeem na te bootsen. We meten 50 watt met de fans op 7 volt, evenals 50+50 watt; 100 watt en 100+100 watt meten we met de fans op 12 volt. Alle gemeten temperaturen worden genormaliseerd op een omgevingstemperatuur van 20 graden. Daarnaast meten we met afzonderlijke temperatuursensoren de temperatuur op de posities van de GPU en de CPU, direct op de vermogensweerstand.

Op onderstaande foto kan je de testopstelling aan het werk zien:

Geluidsproductie

We testen de geluidsproductie in een geluidsdichte box, waarin alle geluid boven de 17 dB(A) gedetecteerd kan worden. Voor alle duidelijkheid: standaard omgevingsgeluid is ongeveer 30 dB(A). In de behuizing plaatsen we de hierboven beschreven testopstelling voor koelprestaties. Als harde schijf bouwen we een Hitachi Deskstar 7K160 80GB in als er een 3,5" exemplaar in de behuizing past; als er alleen een 2,5" disk in past is het een Seagate Momentus 5400.6 320GB. We testen iedere kast zonder dat de case fans draaien, om het dempend vermogen vast te stellen. Daarnaast testen we de totale geluidsproductie met de case fans en de fans van de testopstelling op lage draaisnelheid (7V) en hoge draaisnelheid (12V).

Testresultaten koeling 50 en 50+50 watt

We doen dus in totaal maximaal 10 metingen. De eerste set is bij een warmteproductie van 50 en 50+50 watt, de tweede bij een warmteproductie van 100 en 100+100 watt. De eerste set voeren we uit met de fans draaiend op lage rotatiesnelheid, de tweede op hoge rotatiesnelheid. Dat bewerkstelligen we door het voltage van de fans in te stellen op 7, respectievelijk 12 volt.

50 W 7 V behuizing, CPU

Als we meten met een lage warmteproductie van alleen de 'CPU', zien we de Corsair Carbide Air 240 behoorlijk goed presteren, met een temperatuur van 28 graden. We zien dat de 'processor' wel erg warm wordt, mogelijk door de top down fan op onze testinstallatie. In de praktijk zal je vermoedelijk waterkoeling gebruiken die de warmte van de CPU direct afvoert.

50+50 W 7 V behuizing, CPU, GPU

Wanneer we een aparte 'GPU' toevoegen aan de testopstelling, treffen we de Corsair Carbide Air 240 wederom hoog aan in de grafiek, de temperatuur stijgt maar een klein beetje. Ook hier wordt de 'processor' behoorlijk warm, terwijl ook bij de 'videokaart' de temperatuur aardig oploopt. Ook hier geldt natuurlijk dat de meeste videokaarten hun warmte direct naar buiten afvoeren.

Testresultaten koeling 100 en 100+100 watt

De tweede set van de vier tests doen we met een warmteproductie van 100 watt en 100+100 watt. Hier is het dus een stuk lastiger voor de behuizingen om de warmte zo snel mogelijk af te voeren.

100 W 12 V behuizing, CPU

Bij verdubbeling van de warmteproductie en op hoge rotatiesnelheid houdt de Carbide Air 240 zich goed staande. Hier zien we het verschil met de Obsidian 250D en 350D flink toenemen. Alleen de Silverstone Temjin doet het nog duidelijk beter.

100+100 W 12 V behuizing, CPU, GPU

Voegen we ook nog een 'GPU' toe, dan zien we dat de Corsair Carbide Air 240 het best het hoofd weet koel te houden. Wil je een echt high-end compact systeem bouwen, dan is het hiermee een goed alternatief voor de genoemde kast van Silverstone. Ook de Air 540 laat hij achter zich. De verschillen in temperatuur bij de processor- en videokaartmeetpunten nemen ook af ten opzichte van de concurrentie.

Testresultaten geluidsproductie

Zoals altijd is geluidsproductie de tegenhanger van koelresultaten. Doordat we kunnen meten met en zonder 'videokaart', doen we in totaal vijf metingen voor geluidsproductie: zonder draaiende case fans of actieve testopstelling, om een indicatie van de demping van de kast te krijgen; met de testopstelling en CPU en de fans op 7 en 12 volt, alsmede de testopstelling met zowel CPU als GPU en de fans op 7 en 12 volt.

Geen case fans

Zonder case fans valt de Corsair Carbide Air 240 in de middenmoot - zo'n 30 dB(A), ofwel gewoon achtergrondgeluid van een rustige kamer.

7 V

Met de fans op lage draaisnelheid staat de Corsair Carbide Air 240 wat lager in de lijst, zelfs nog iets onder de Obsidian 250D. Wel is hij stiller dan de grote broer.

12 V

Op hoge draaisnelheid van de fans is de Carbide Air 240 de luidruchtigste in de test - hij produceert nog meer lawaai dan de 540 en ook meer dan de bepaald niet stille Temjin TJ08-E.

Foto's

Hieronder zie je alle foto's van de Corsair Carbide Air 240.

Specificaties

Algemeen
 
MerkCorsair
ProductnaamCarbide Air 240 Black
ProductcodeCC-9011070-WW
DetailsProductinfo
Specificaties
Type behuizingTower
Moederbord formaatMicro ATX
MateriaalStaal / Plastic
KleurZwart
Afmeting - Breedte26 cm
Afmeting - Diepte40.5 cm
Afmeting - Hoogte32.1 cm
Deurtje in voorpaneel
Deurtje afsluitbaar
Kast afsluitbaar
Venster
Geluidsdempende matten aan binnenzijde
Volume (op basis van afmetingen)33.8 dm³
Inbouwmogelijkheden
5,25 inch extern0
5,25 inch intern0
2,5 inch intern totaal6
3,5 inch intern totaal3
3,5 inch extern0
2,5 inch hot swap0
3,5 inch hot swap0
Slimline optische drive ruimte
Aantal insteekkaarten4
Low profile
Maximale lengte videokaart33.8 cm
Maximale hoogte CPU-koeler12.8 cm
Maximale lengte voeding24 cm
Casefans
80 mm fan posities2
92 mm fan posities0
120 mm fan posities7
140 mm fan posities0
180 mm fan posities0
200 mm fan posities0
230 mm fan posities0
250 mm fan posities0
Meegeleverde casefans3 fans
Totaal aantal fan posities8
Type fanaansluiting3-pins
Verlichting casefans
Stoffilter(s)
Waterkoeling
Inbouwmogelijkheid all-in-one waterkoeling
Ruimte voor 120 mm radiator1
Ruimte voor 140 mm radiator0
Ruimte voor 240 mm radiator1
Ruimte voor 280 mm radiator0
Ruimte voor 360 mm radiator0
Ruimte voor 420 mm radiator0
Ruimte voor 480 mm radiator0
Openingen voor custom waterkoeling
Gebruiksvriendelijkheid
Kast zonder schroevendraaier te openen
Bovenpaneel te verwijderen
Frontpaneel zonder schroevendraaier te verwijderen
5,25 inch drives zonder schroeven in te bouwen
3,5 inch drives zonder schroeven in te bouwen
2,5 inch drives zonder schroeven in te bouwen
Drives met rails of slede te bevestigen
Rubberen/siliconen geluidsdemping voor harddisks
Insteekkaarten zonder schroevendraaier vast te zetten
Scherpe randenGeen (0)
Uitschuifbare moederborddrager
Uitsparing in moederbordplaat voor CPU koeler montage
Gaten in moederbordplaat voor kabelmanagement
Uitneembare kooi voor harddisks
Frontaansluitingen
Frontaansluitingen positieVoorpaneel
Frontaansluitingen - Audio
Frontaansluitingen - USB 2.0
Frontaansluitingen - Firewire
Frontaansluitingen - eSATA
Frontaansluitingen - USB 3.0
Frontaansluitingen - USB 3.0 (aantal)2
Overige Hardware
Cardreader
Fan-controller
Temperatuur sensor(s)
LED display
VFD (Vacuum Fluorescent Display)
Chassis open detectie
Verlichting
Fanduct voor CPU-koeler

Conclusie

Compacte kubuskastjes zitten in de lift, zoveel is wel duidelijk. Corsair haakt daar handig op in door het populaire bestaande Air 540 model te verkleinen in de Carbide Air 240. Het resultaat mag overwegend geslaagd genoemd worden. Deze µATX en Mini-ITX uitvoering koelt uitstekend, de indeling met twee compartimenten is gewoon effectief. Ook met het inbouwgemak en de kwaliteit is weinig mis, je kan goed zien dat Corsair er veel aan gelegen is om de reputatie in ere te houden.

Toch valt er het een en ander aan te merken. Het ontbreken van ruimte in het voorpaneel voor een uitbreidingsmodule als een fan controller, cardreader of een optische drive is een minpunt. Intern was daar ook best ruimte voor geweest (zeker voor een geheugenkaartlezer), en een creatieve oplossing als in de Fractal Design Node 804 had natuurlijk ook gekund. Ook de noodzaak steeds twee panelen te moeten verwijderen voor het aanpassen van de opslagstations is wat jammer - natuurlijk is dat niet uitzonderlijk, maar juist doordat de drives zo eenvoudig van buitenaf toegankelijk zijn, wordt een uitgelezen kans gemist om interne hot swap SATA connectors te benutten.

Als we ten slotte naar de prijs kijken, dan is die stevig, maar marktconform. Je betaalt een vergelijkbaar bedrag voor de Node 804 en de Temjin TJ08-E, twee interessante concurrenten. Ook Corsairs eigen Obsidian 350D met venster is vergelijkbaar geprijsd. Wil je een compacte micro-ATX behuizing die een echt zwaar systeem aan kan, dan moet de Air 240 op je shortlist: het is een prima optie met een realistische prijs. Gezien de minpunten blijft Gold in de kast, maar een Silver Award is zeker op zijn plaats.


Corsair Carbide Air 240

Corsair Carbide Air 240 Black


Besproken producten

Vergelijk alle producten

Vergelijk  

Product

Prijs

Silver Award Corsair Carbide Air 240 Black

Corsair Carbide Air 240 Black

  • Tower
  • Micro ATX
  • Zwart
  • Venster
  • 3 fans
Niet verkrijgbaar
Corsair Carbide Air 240 White

Corsair Carbide Air 240 White

  • Cube
  • Micro ATX
  • Wit
  • Venster
Niet verkrijgbaar
0
*