Test: hoeveel PCI-Express lanes is optimaal voor SLI?

41 reacties
Inhoudsopgave
  1. 1. Inleiding
  2. 2. Lanes
  3. 3. Test
  4. 4. Resultaten
  5. 5. Conclusie
  6. 41 reacties

Inleiding

Waarom zou je voor een Socket 2011 systeem kiezen, boven een aanmerkelijk goedkopere Socket 1150 configuratie? Een veelgehoord argument is ‘betere ondersteuning voor SLI’ op het eerstegenoemde platform. Maar is dat wel zo? Hardware.Info testte het verschil in de praktijk.

Het zal geen nieuws voor je zijn als hardwareliefhebber: Intel heeft voor desktopsystemen op dit moment twee platforms beschikbaar. Socket 1150 is er voor alles van de goedkoopste Celeron processors tot aan de populaire Core i7 4770K. Daarnaast is er ook nog het high-end Socket 2011 platform met de bijna 1000 euro kostende Core i7 4960X als topmodel.

De goedkoopste Socket 2011 processor, de Core i7 4820K, is vrijwel net zo duur als het topmodel uit de Socket 1150 reeks, de genoemde Core i7 4770K. Socket 2011 moederborden met Intel X79 chipset zijn in de regel duurder dan Socket 1150 moederborden met Intel Z87 chipset. Waarom zou iemand dan voor een duurder Socket 2011 systeem moeten kiezen?

De meest voor hand liggende reden: alleen voor Socket 2011 zijn zes-core processors beschikbaar, al mag je daar minimaal 500 euro voor investeren. Voor workloads als video- of 3D-rendering, die goed schalen naar een groot aantal cores, kan dat een flinke impuls geven aan de prestaties van de machine. Echter, nog veel meer software kan nog niet eens gebruik maken van vier cores, laat staan zes stuks optimaal benutten. Games zijn daar een mooi voorbeeld van: als er al een prestatieverschil is, weegt dat over het algemeen niet op tegen het prijsverschil tussen processors.

Er zijn echter meer redenen om voor een Socket 2011 systeem te kiezen, vandaar ook dat Intel met de Core i7 4820K ook een variant met vier cores beschikbaar heeft. Een ander voordeel van het high-end platform is namelijk dat de processors een quad-channel geheugencontroller aan boord hebben, tegenover dual-channel bij Socket 1150 CPU’s. Dat betekent in feite een verdubbeling van de bandbreedte tussen CPU en geheugen. Waar dat voor bepaalde professionele c.q. server workloads voordelen kan hebben, kennen wij weinig consumententoepassingen die hier goed van profiteren. Omdat Intels geheugencontrollers als geen ander zaken als prefetching (data die in de toekomst nodig is al vooraf van het geheugen naar de processorcache laden) goed uitvoeren, heeft de geheugenbandbreedte voor de meeste applicaties weinig invloed op de prestaties. Datzelfde geldt bijvoorbeeld ook voor het verschil tussen bijvoorbeeld DDR3-1600 en DDR3-2133: leuk voor overklokkers, maar als normale gebruiker merk je er niks van.

Dan blijft er nog één ding over: Socket 2011 processors hebben een ingebouwde PCI-Express controller met meer lanes. Daardoor is het high-end platform in theorie geschikter voor het combineren van meerdere videokaarten. Maar is dat in de praktijk ook wel zo?

Nvidia GeForce GTX Titan SLI (4-way)
Voor deze test gingen we aan de slag met vier Nvidia GeForce GTX Titans, beschikbaar gesteld door Tones.be.

0
*