4K en UHD: Vier keer zo scherp - ook vier keer zo goed?

52 reacties
Inhoudsopgave
  1. 1. Inleiding
  2. 2. Waarom UHD TV?
  3. 3. 4K als digitaal bioscoopformaat
  4. 4. 2K of 4K in de bioscoop?
  5. 5. 4K bij televisies: UHD
  6. 6. Heeft UHD wel nut?
  7. 7. Wat kijken we in 4K?
  8. 8. De eerste 4K UHD televisies
  9. 9. Reacties

Inleiding

Wie dacht met een Full HD TV helemaal klaar voor te toekomst te zijn, komt bedrogen uit. Hoewel HD veel scherper is dan het PAL SD-signaal van weleer, kan het nóg veel beter. Met een beeld dat tot acht maal scherper is dan HDTV belooft de nieuwe UHD-norm meer details, mooiere kleuren en hogere framerates. Het klinkt prachtig, maar wat heb je nu echt aan al die pixels, en hoe lang moeten we nog wachten voor we in ‘Ultra HD-kwaliteit’ kunnen TV kijken?

2006, dat was het jaar waarin we in Nederland voor het eerste HDTV-uitzendingen konden ontvangen. HD (Ready) televisies waren er al langer, maar met het WK voetbal in 2006 was het voor het eerst ook mogelijk om via de kabel reguliere uitzendingen in HD kwaliteit te ontvangen. Zeven jaar later kunnen we constateren dat HDTV maar langzaam echt ingeburgerd raakt.

Aan de consument ligt dat niet: die heeft de afgelopen jaren massaal HDTV’s gekocht. Ook nemen steeds meer mensen daarbij een abonnement op een HDTV-pakket via de kabel, satelliet of IPTV. Maar hoewel de publieke en commerciële omroepen in die pakketten al enige tijd in HD beschikbaar zijn, worden veel programma’s nog altijd gewoon in SD opgenomen. Uitzending via een HD-kanaal verandert de kwaliteit niet magisch naar HD-niveau. De reden ligt voor de hand: het geld kan maar een keer uitgegeven worden en de oude SD-apparatuur wordt dus pas vervangen als dat echt nodig is.

Gelukkig zien we zeker het laatste jaar steeds meer programma’s in échte HD-kwaliteit geproduceerd en dus ook uitgezonden worden. Opvallend genoeg is SBS 6 daarbij koploper: deze zender produceert de meeste uren HDTV, terwijl concurrent RTL het juist ronduit slecht doet. Zelfs kijkcijferhits als The Voice of Holland worden nog altijd niet in HD opgenomen. Ondanks de verbeteringen van het afgelopen jaar kunnen we dus stellen dat de overstap naar HDTV nog altijd niet voltooid is.


SBS zendt van alle Nederlandse zenders het meest uit in HD, RTL loopt juist achter.

Waarom UHD TV?

Gezien het voorafgaande lijkt het, bekeken vanuit het Nederlandse perspectief, dus wat prematuur om nu al met een opvolger voor HDTV te komen. Toch doen de televisiefabrikanten het, met zogenaamde 4K UHD televisies. Sony en LG hebben op het moment van schrijven al daadwerkelijk apparaten in de schappen liggen (zie onze Sony KD55X9005 review) en ook Sharp en Samsung zullen op korte termijn hun eerste 4K UHD model gaan uitleveren (zie onze Samsung F9000 preview.

De fabrikanten komen niet alleen nu met deze televisies omdat de technologie voldoende volwassen is geworden om producten voor acceptabele, zij het bepaald geen lage, prijzen in de markt te zetten. Evenmin koesteren zij een onrealistische verwachting dat televisiezenders de net geïnstalleerde HD-apparatuur alweer gaan opwaarderen. Een belangrijke factor is dat er vanuit Hollywood wél beeldmateriaal in de vereiste, nog hogere kwaliteit beschikbaar is, met als voornaamste bijkomende reden, dat we steeds meer (televisie-)beelden tot ons nemen via andere wegen dan reguliere uitzendingen.

Denk daarbij aan digitale distributie door middel van downloaden en streamen, in de vorm van een groeiend aantal video-on-demand (VoD) diensten, die bovendien veel eenvoudiger dan reguliere omroepen kunnen overstappen naar 4K. VoD is in hoog tempo een serieuze concurrent voor traditionele televisie aan het worden en daarmee neemt de levensvatbaarheid van 4K-televisies in de markt toe.

Ten slotte hebben de fabrikanten bovenal na HD, Full HD, 3D en Smart een ‘nieuwe TV’ nodig om de verkopen op peil te houden. Ulta High Definition past prima in het voorgaande rijtje.


De Samsung UE55F9000 55 inch UHD televisie

4K als digitaal bioscoopformaat

De beschikbaarheid van 4K UHD-materiaal in Hollywood is geen toeval. De televisiewereld heeft met de digitalisering van de afgelopen jaren een grote verandering doorgemaakt, maar de filmwereld is momenteel bezig aan een nog veel grotere overgang. Tot voor kort werden alle bioscoopfilms opgenomen met analoge camera’s, waarin een échte filmrol met lichtgevoelig materiaal werd gebruikt om vierentwintig keer per seconde een analoog beeld vast te leggen, vergelijkbaar met de analoge fotocamera’s van weleer. Na ontwikkeling en bewerking van de film (een proces dat tegenwoordig meestal volledig digitaal gebeurt) werden er eveneens analoge filmrollen geproduceerd, die naar bioscopen verscheept werden voor vertoning met een analoge projector.

Waar digitale distributie in de wereld van televisie al jaren ingeburgerd is, was dat in de filmwereld nog niet het geval. De redenen daarachter hebben te maken met kosten en kwaliteit. Analoge filmrollen met een breedte van 35 millimeter laten namelijk beelden opnemen in érg goede kwaliteit en met uitstekende beeldscherpte. Hoewel het uiteindelijk afhangt van het merk en type filmmateriaal, is de scherpte van een 35 millimeter analoog filmbeeld ongeveer een factor vier hoger dan een digitaal Full HD signaal, wat betekent dat de horizontale scherpte ongeveer 4000 pixels is. Die kwaliteit was tot voor kort niet mogelijk, dan wel extreem duur met digitale filmcamera’s.

Het opnemen op analoge film brengt echter ook hoge kosten met zich mee, om niet te spreken van de kosten voor opslag of voor het distribueren van duizenden kopieën van analoge filmrollen naar bioscopen over de hele wereld. Ondertussen zijn, dankzij de snelle technische ontwikkelingen, de kosten voor het digitaal opnemen en afspelen van films in deze kwaliteit de laatste tien jaar sterk gedaald. Daar komt bij dat digitale projectie een aantal voordelen heeft. Zo is er geen film die kan slijten en vereist het bedienen van de projector minder technische vaardigheden, waardoor een bioscoop weer kan besparen op personeelskosten. Het was dan ook een kwestie van tijd voor ook de filmwereld zou overstappen naar digitaal.


35mm film heeft een horizontale resolutie van ongeveer 4000 pixels.

DCI

Om die overstap in goede banen te leiden en te voorkomen dat er meerdere concurrerende standaarden zouden ontstaan, werd in 2002 het Digital Cinema Initiative opgericht door de zeven grootste filmstudio’s uit Hollywood. Doel van het DCI was om te komen tot een technische standaard voor distributie van filmbeelden, waarbij films uit verschillende studio’s in alle bioscopen digitaal vertoond konden worden, met daarbij uiteraard veel aandacht voor kopieerbeveiliging.

Dat is gelukt, want in 2005 werd de eerste versie van de DCI standaard vrijgegeven. De jaren daarna is de standaard uitgebreid, met onder andere ondersteuning voor 3D. DCI is dé standaard geworden voor digitale weergave in bioscopen, vooral omdat de filmstudio’s geen materiaal leveren aan exploitanten die apparatuur gebruiken die niet aan de strenge (beveiligings-)eisen van DCI voldoet.

Belangrijk vanuit technisch oogpunt is vooral dat DCI twee resoluties ondersteunt: 2K en 4K. Deze afkortingen slaan op de horizontale resolutie van de signalen. 2K-bioscoopbeelden tellen maximaal 2048x1080 pixels, terwijl 4K-filmmateriaal een resolutie van maximaal 4096x2160 heeft. Maximaal, aangezien films verschillende beeldverhoudingen kunnen hebben, en het dus kan zijn dat er horizontaal of verticaal minder pixels gebruikt worden.

De 2K-norm lijkt qua resolutie sterk op Full HD televisiesignalen en is eigenlijk geboren als een tussenoplossing. Zoals gezegd komt de horizontale scherpte van 35 millimeter filmmateriaal ongeveer overeen met 4000 pixels, ofwel met de 4K-norm. Tien jaar geleden waren er echter simpelweg geen projectoren met 4K-resolutie en ook digitale filmcamera’s die dergelijke scherpte konden bieden bestonden nog niet. Daar is vooral de laatste jaren snel verandering in gekomen. Zowel 4K digitale camera’s als 4K-projectoren zijn nu beschikbaar en worden ook daadwerkelijk toegepast. Middels subsidieregelingen vanuit de filmmaatschappijen worden bioscopen wereldwijd bovendien in hoog tempo omgebouwd naar digitale projectie. De digitale achterstand die de bioscoop had op de huiskamer wordt daarmee in rap tempo ingehaald – en omgezet in een voorsprong.

Oude film in HD of 4K?

Behalve nieuwe films die in 4K digitaal worden opgenomen of in 4K worden gescand, kunnen ook oude films veelal in deze hoge kwaliteit gedigitaliseerd worden. 35mm film is immers al decennia de standaard en hoewel de negatieven door veroudering (iets) aan kwaliteit inboeten, steken filmstudio’s veel tijd en geld in het digitaliseren van oude films, om ze zo te kunnen bewaren. Steeds vaker gebeurt dit ook in 4K. Ook oudere films kunnen hierdoor dus in prima HD-kwaliteit op Blu-ray uitgebracht worden, en binnenkort wellicht zelfs in 4K.

2K of 4K in de bioscoop?

Steeds meer bioscopen projecteren digitaal. Dat heeft als voordeel dat het beeld niet langer wiebelt, er geen vuil en spetters in het beeld aanwezig zijn en kleuren doorgaans veel beter zijn. Toch is niet elke digitale vertoning even goed. Hoewel veel bioscopen tegenwoordig 4K-projectoren installeren, zijn er ook zalen die gebruik maken van 2K-projectoren. Daar komt bij dat veel films, onafhankelijk of deze digitaal of analoog worden opgenomen, worden ‘gemasterd’ in 2K resolutie. Dat betekent kort door de bocht dat de film in 2K-resolutie wordt gemonteerd en het eindresultaat dus nooit ‘echte’ 4K kan zijn.


Oblivion is een nieuwe film die is opgenomen in 4K. Alle shots met special effects zijn echter gerenderd in 2K resolutie.

Maar ook films die in 4K worden opgenomen, in 4K worden gemasterd en met een 4K-projector worden vertoond, laten niet altijd de volledige beeldscherpte zien die een 4K-signaal kan tonen. De reden daarvoor is dat veel special effects omwille van de beschikbare rekenkracht nog in 2K-resolutie worden gemaakt. Dat is bij een recente film als Oblivion goed te zien: deze film is opgenomen met 4K camera’s van Sony en RED, gemonteerd in 4K, maar de digitale effecten zijn in 2K gemaakt. Als je deze film in een bioscoop met een 4K projector bekijkt, is een duidelijk scherpteverschil zichtbaar tussen shots met en zonder die effecten.

4K bij televisies: UHD

De term 4K komt dus uit de filmwereld en waait nu over naar de televisiemarkt. Toch is 4K eigenlijk geen goede term voor 4K-televisies zoals die nu verkocht worden. Die hebben namelijk zowel horizontaal als verticaal exact tweemaal zoveel beeldpunten als een Full HD-scherm, wat inhoudt dat ze 3840x2160 pixels tellen. Horizontaal is dat dus net even minder dan 4000 pixels, zodat we eigenlijk niet over 4K televisies kunnen spreken. De reden waarom er niet is gekozen voor hetzelfde formaat als de DCI 4K standaard is eenvoudig: het DCI 4K formaat heeft een hoogte-breedteverhouding van 1,89:1, terwijl alle televisie-uitzendingen 1,77:1, ofwel 16:9 zijn.

Voor die nieuwe ‘4K’ televisienorm is inmiddels ook een officiële naam bedacht, namelijk Ultra High Definition TV, kortweg UHD TV. De internationale standaardenorganisatie ITU heeft UHD inmiddels als officiële standaard erkend. Verwarrend is dat binnen de UHD standaard over ‘4K UHD’ wordt gesproken, om signalen en apparaten met een resolutie van 3840x2160 pixels aan te duiden. Naast de 4K UHD standaard is er namelijk ook alvast een 8K UHD norm gedefinieerd, met 7680x4320 beeldpunten. Sommige fabrikanten spreken overigens ook van QFHD – Quad Full HD – wat technisch een betere term is dan 4K UHD. Toch zal waarschijnlijk die laatste term als standaard ingeburgerd raken.

Buiten een hogere resolutie bieden de nieuwe UHD-standaarden nog een aantal voordelen boven de nu gebruikte HDTV normen. Zo is het de bedoeling dat UHD-signalen gebruik gaan maken van de ITU Rec.2020 norm, die behalve hogere resoluties ook mogelijkheden biedt om een groter kleurbereik weer te geven en hogere framerates te gebruiken.


De 2K en 4K resoluties voor televisies en bioscoop (DCI) komen niet helemaal overeen.

Kleurbereik en framerate

Voor dat grotere kleurbereik speelt de UHD-norm leentjebuur bij het DCI-formaat voor bioscopen. De huidige Rec.709 kleurnorm is vooral in het rode en groene bereik van het kleurspectrum een stuk beperkter dan wat het menselijk oog kan waarnemen. De nieuwe norm biedt een aanzienlijk groter bereik, wat betekent dat er ‘groener groen’ en ‘roder rood’ kan worden getoond. Feitelijk komt het ongeveer overeen met het verschil tussen de sRGB norm voor monitoren en AdobeRGB op een wide-gamut monitor. Die laatste norm maakt ook een veel groter kleurbereik mogelijk, waardoor beelden er realistischer uit kunnen zien.

Een ander voordeel van UHD TV is dat het met hogere framerates kan werken dan standaard televisie. In Europa worden televisiesignalen uitgezonden met 50 beelden per seconde, in Japan en de VS is dat 60. De UHD standaard moet het mogelijk maken om signalen met maximaal 120 beelden per seconde te tonen. Wat het praktisch nut daarvan in de praktijk zal zijn, valt te bezien. Uit een test die wij onlangs hielden met 60 versus 120 fps gaming bleek in ieder geval dat het meerendeel van de 50 proefpersonen het verschil duidelijk zagen en 120 Hz als prettig beschouwden. Dat was echter een gaming-test waarbij ook zaken als lag en image tearing een rol speelden, zaken die bij televisie- en filmbeelden geen issue zijn. 


UHD beidt een groter kleurbereik dan normale, en HDTV-uitzendingen. De twee triangels laten het bereik van beide zien. Vooral in het groen en rode bereik biedt UHD meer kleurruimte.

Heeft UHD wel nut?

Over die voordelen is het laatste woord sowieso nog niet gesproken. In bovenstaand relaas over de technische aspecten van 4K UHD hebben we tot nu toe namelijk één essentieel punt onbehandeld gelaten. Dat is, of het überhaupt wel nut heeft om UHD de huiskamer in te halen. In de bioscoop zit je relatief dichtbij een immens groot scherm en is het relatief eenvoudig om de extra scherpte van 4K boven 2K te zien. In de huiskamer is dat een ander verhaal. Hoewel televisies steeds groter worden, zitten we op de bank gemiddeld een stuk verder van het scherm dan (verhoudingsgewijs) in de bioscoop. Hoewel veel afhangt van de kwaliteit van je ogen, zijn er wel enige vuistregels waar we vanuit kunnen gaan.

Voor beelden in full hd 1080p kwaliteit geldt dat je (uitgaande van goede ogen dan wel een goede bril) alle details kunt onderscheiden, zolang je niet meer dan drie- tot viermaal de beeldhoogte als kijkafstand aanhoudt. Laten we als rekenvoorbeeld een TV met een 40 inch diagonaal nemen. De beeldhoogte daarvan is 50 centimeter, wat betekent dat je eigenlijk niet meer dan anderhalf tot twee meter van het scherm zou moeten zitten om alle details te zien. In de meeste gevallen zal je zo dicht niet op het scherm zitten. Zelfs als we een 55 inch TV (beeldhoogte 68,5 cm) als voorbeeld nemen, komen we uit op slechts iets meer dan twee tot een kleine drie meter als optimale kijkafstand. Voor UHD zou je eigenlijk nóg dichter op het scherm moeten zitten, om alle details te zien; feitelijk niet verder dan ongeveer anderhalf tot twee keer de beeldhoogte. Dat betekent dus dat je op maximaal een meter afstand van een 40 inch scherm moet gaan zitten, of bijvoorbeeld op een kleine anderhalve meter van een 55 inch scherm. Ga je verder weg zitten, dan zullen je ogen niet alle details kunnen waarnemen; wanneer je een 55 inch Full HD en UHD televisie naast elkaar bekijkt op meer dan twee meter afstand, zal je het verschil steeds minder kunnen zien.

Het is dan ook geen toeval dat de eerste UHD schermen die nu te koop zijn een kolossale diagonaal van maar liefst 84 inch hebben. Op basis van de bijbehorende beeldhoogte van 105 centimeter zouden we eigenlijk niet meer dan ongeveer twee meter van het scherm moeten zitten, om alle details waar te nemen. Dat is in de praktijk een vrij bespottelijk idee. Niet in de laatste plaats omdat je op zo’n scherm de komende tijd vermoedelijk voornamelijk HD en zelfs SD-materiaal zult gaan bekijken, wat geen pretje is als je zo dicht op zo’n groot scherm zit. Aan de andere kant, de trend naar steeds grotere televisies lijkt voorlopig niet af te nemen.

Mede om die reden zal het een kwestie van tijd zijn, totdat 4K UHD schermen zover in prijs gedaald zijn dat ze breed verkocht gaan worden. De vergelijking met de smartphone-wereld doemt hier op: fabrikanten stoppen dit jaar massaal Full HD-schermpjes met een diagonaal van 5 inch in hun topmodellen, terwijl de meerwaarde daarvan boven 720p schermpjes marginaal is. Volgend jaar zullen we waarschijnlijk ook Full HD schermen in telefoons uit het hogere middensegment terugvinden en over een paar jaar is het heel gewoon. Op eenzelfde manier zullen 4K UHD panels hun intrede de komende jaren in de TV markt gaan doen. In eerste instantie alleen in de duurste topmodellen, maar naarmate de tijd vordert ook in de betaalbare midrange series. Net zoals dat eerder met Full HD panels en 3D en Smart-functionaliteit gebeurde.

Hoe ziet het er uit?

In een review als dit is het natuurlijk moeilijk inzichtelijk te maken wat je je bij een UHD televisie moet voorstellen. Het best kun je dan ook een keer in een winkel met een goede demo-opstelling gaan bekijken en voor je zelf de conclusie trekken of UHD wel of geen nut heeft. Toch doen we een poging. Hieronder zie je een kleine uitsnede van een TV-uitzending met daar onder achtereenvolgens met welke scherpte dat kleine gedeelte op een UHD, Full HD en SD TV getoond wordt. Klik hier om het volledige UHD screenshot (3840x2160 pixels) te downloaden.

UHD:

Full HD:

SD:

Wat kijken we in 4K?

De grote vraag is natuurlijk wat we gaan kijken op die nieuwe 4K UHD televisies. Net als bij de introductie van de eerste HDTV’s aan het begin van deze eeuw, zitten we met het probleem dat het ei er eerder is dan de kip. Oftewel, er is wel een TV, maar geen signaal via kabel, satelliet of optische beelddrager. Samsung zegt zelf dat het niet verwacht dat er voor 2017 reguliere televisie-uitzendingen in UHD formaat zullen zijn. Voor Nederland zal dat sowieso al optimistische scenario, getuige de ervaringen tot dusver, compleet onrealistisch zijn. Gelukkig zijn we in steeds mindere mate afhankelijk van Hilversum en zal er relatief snel meer 4K-materiaal van andere bronnen beschikbaar zijn.

Naar verwachting zullen volgend jaar de eerste 4K-camcorders voor consumenten in de winkel liggen. Mogelijk zal zelfs de volgende generatie smartphones ook al in 4K kunnen opnemen. Uiteraard is het sowieso mogelijk om vrijwel alle digitale foto’s in 4K resolutie te bekijken: de benodigde 8 megapixels is in die markt een reeds lang gepasseerd station.

Het merendeel van de niet door consumenten geproduceerde content zal echter bestaan uit films en tv-producties die niet voor kabeldistributie zijn bestemd. Een goed voorbeeld uit de laatste klasse is het puur voor digitale distributie door Netflix geproduceerde politieke drama House of Cards, een dertiendelige serie die voor een groot deel in 4K is geschoten. We refereerden al aan de beschikbaarheid van een potentiële zee aan 4K materiaal in de vorm van 35 mm film. Sony heeft inmiddels laten weten dat de Playstation 4 films in 4K zal kunnen afspelen, en het Blu-Ray consortium werkt aan een update van de specificaties om 4K op Blu-ray mogelijk te maken. Sony Pictures brengt op dit moment al ‘Mastered in 4K’ Blu-ray’s op de markt. Deze aanduiding is wat misleidend, want hoewel het bronmateriaal van deze titels 4K is, zijn de Blu-ray’s zelf gewoon 1080p.

Dan is er natuurlijk nog het internet. Youtube biedt nu al de mogelijkheid om filmmateriaal in 4K te uploaden en – mits je een snelle PC hebt – in dit formaat af te spelen. Met de komst van de onlangs gefinaliseerde h.265 codec is het bovendien mogelijk om 4K-videomateriaal met een relatief beperkte bitrate van ongeveer 20 mbit/s te versturen. Dit maakt dat 4K ook gebruikt kan gaan worden bij video on demand diensten, zonder dat er grote veranderingen aan de infrastructuur nodig zijn. Netflix heeft al aangegeven House of Cards mogelijk al in 2014 in 4K te kunnen streamen. Net als bij HDTV hoeven we dus geen voortrekkersrol van de reguliere televisiezenders te verwachten, maar dit keer zijn er meer alternatieven om materiaal in het nieuwe, betere formaat te kunnen verkrijgen.


Youtube biedt ook de mogelijkheid om video in 4K resolutie te uploaden en af te spelen.


Nieuwe ‘Mastered in 4K’ Blu-ray schijven bevatten gewoon nog 1080p beelden, pas in de toekomst wordt écht 4K op Blu-ray mogelijk.

De eerste 4K UHD televisies

Inmiddels hebben wij 4K UHD televisies kunnen bekijken van onder andere LG, Toshiba, Sony, Sharp en Samsung. Op Hardware.Info heb je de afgelopen tijd een aantal artikelen over UHD televisies kunnen lezen:

De eerste generatie UHD televisies maakten gebruik van 84 inch grote panels van LG Display, waardoor de straatprijs van de televisies rond de 20.000 euro ligt. Sony heeft inmiddels ook ‘kleine’ UHD televisies van 55 en 65 inch en ook Samsung heeft die aangekondigd, zoals je kunt lezen in bovenstaande artikelen.

Alle televisies laten met UHD beeldmateriaal verbluffende beeldscherpte zien, maar hoe de schermen omgaan met ‘gewoon’ HD materiaal verschilt sterk. De LG televisie die wij getest hebben lijkt 1080p beelden middels een simpel interpolatiealgoritme op te rekken naar de volledige 4K UHD resolutie van het scherm, waardoor dergelijke beelden er duidelijk minder goed uitzien dan écht 4K materiaal. Zowel Samsung, Sharp als Sony hebben echter veel werk gemaakt van de upscalers in de televisie. Hoewel beide fabrikanten de lippen stijf op elkaar houden over de precieze werking, is in ieder geval duidelijk dat er ook gekeken wordt naar informatie uit vorige en voorgaande beelden, waarbij getracht worden ‘puzzelstukjes’ qua detailinformatie uit verschillende frames samen te voegen. Sony claimt bovendien een database met informatie over beeldfrequentiepatronen in haar televisies in te bouwen, waarbij de televisie bepaalde overgangen herkent en op een vooraf bepaalde methode opwaardeert.

In de praktijk zien we dat Samsung, Sharp en Sony er érg goed in slagen om 1080p materiaal op te schalen naar 4K. Voorwaarde is wel dat het 1080p bronmateriaal voldoende scherpte moet bevatten, bij relatief ‘soft’ beeldmateriaal kunnen de upscalers geen wonderen verrichten. Om diezelfde reden moet je ook bij het upscalen van SD materiaal geen wonderen verwachten: eigenlijk wil je gewoon geen SD kijken op een 84 inch groot UHD scherm. 

Een belangrijk minpunt aan de op dit moment beschikbare UHD-toestellen is dat deze feitelijk niet beschikken over een interface die snel genoeg is om de voor 4K-producties vereiste bandbreedte weer te geven. Met de HDMI 1.4a-standaard is het maximum haalbare 30 beelden per seconde in 4K resolutie. Voldoende voor film, maar niet voor televisie. Samsung heeft getoond dat de eigen toestellen middels een speciale upgrade kit in de toekomst voorzien kunnen worden van een nog te finaliseren HDMI 2.0-interface, die wel voldoende bandbreedte moet bieden. Welke mogelijkheden je daarvoor bij de andere merken zal krijgen, is vooralsnog gissen. Dat is best een zure appel, zeker met het oog op de prijzen die voor de toestellen worden gevraagd.

LG 84LM960V
De LG 84LM960V was de eerste UHD TV die we op Hardware.Info getest hebben.

Sony Bravia KD-55X9005
Sony’s ‘kleine’ 55 inch UHD Tv kost ongeveer 4500 euro, de grotere 84 inch schermen gaan voor zo’n 20.000 euro over de toonbank

Conclusie

Hoewel je vraagtekens kan plaatsen bij het nut van 4K in de huiskamer, is de introductie van de nieuwe Ultra HD-standaard onvermijdelijk. Bovendien wordt een hogere resolutie belangrijker, naarmate het beeldscherm groter wordt – en we zijn nog altijd steeds grotere televisies aan het kopen met zijn allen. Naast meer pixels zal UHD ook fraaiere kleuren bieden en hogere framerates. Hoe groot het verschil in de praktijk gaat zijn, moeten we nog even afwachten. Eén ding is zeker: bij Hardware.Info zal je alles kunnen lezen over kwaliteit en nut van UHD.

0
*