Wireless LAN producten vergelijkingstest

11 reacties
Inhoudsopgave
  1. 1. Inleiding
  2. 2. Hoe werkt het?
  3. 3. Sitecom Wireless Home Networking Kit
  4. 4. Dynalink PC-Card / PCI Modellen
  5. 5. Sitecom PC-Card / PCI Modellen
  6. 6. Access Points
  7. 7. Vergelijkingstabel en Conclusie
  8. 11 reacties

Hoe werkt het?

Een wireless LAN kan werken volgens drie verschillende transmissietechnieken: spread spectrum, narrowband microwave en infrarood:

  • Infrarood, om met de laatste te beginnen, staat erbij voor de volledigheid. Het is mogelijk om draadloos gegevens met andere PC’s uit te wisselen en nog wel met een vrij grote bandbreedte. Dit houdt in dat er veel bits per seconde verstuurd kunnen worden. Het grote nadeel van de infrarood methode is dat hij zeer gevoelig is voor obstakels. Zo kan licht bijvoorbeeld niet door muren heen, waardoor de reikwijdte van het netwerk drastisch beperkt wordt. Dit laatste is dan ook de reden waarom het bijna niet toegepast wordt om bestanden te kopiëren. Infrarood communicatie is, mede door zijn eenvoud, wel vaak te vinden bij toepassingen als mobiele telefoons en PDA’s. 

  • Microwave (microgolf) technologie wordt ook niet veel gebruikt als technologie voor een draadloos netwerk. De methode heeft twee schotels nodig die recht tegenover elkaar staan opgesteld. De ene schotel zendt de bits uit, terwijl de andere die dan ontvangt en andersom. Op deze manier kunnen dus netwerken van twee gebouwen met elkaar verbonden worden, zonder dat de KPN daarbij komt kijken en een graantje meepikt. 

  • De overgebleven draadloze methode, spread spectrum, is de meest voorkomende technologie bij WLAN’s. Oorspronkelijk is deze methode bedacht voor defensie om zo verstoringen en afluisteren tegen te gaan. Dit wordt gedaan door het signaal te verspreiden over een bepaald frequentiegebied. Dit gebied omvat de industrial, scientific en medical (ISM) bandbreedte van het totale elektromagnetische frequentiespectrum. De ISM bandbreedte bestrijkt 902 MHz tot 928 MHz en 2.4 GHz tot 2.484 GHz. 

De eerst vorm van spread spectrum technologie is de zogenaamde frequency hopping spread spectrum technologie (o.a. gebruikt door Bluetooth tm). Bij deze techniek wisselt de ontvanger synchroon met de zender tussen een aantal frequenties. De frequenties waar zowel de ontvanger als de zender tussen springen, lijken willekeurig gekozen te zijn. Alleen als de juiste volgorde bekend is bij de juiste ontvanger en zender kan het signaal verzonden en weer ontvangen worden. De meeste ontwerpers die deze techniek willen gebruiken, verzinnen hun eigen ‘verspring’ algoritme, waardoor gegarandeerd kan worden dat geen twee ontvangers tegelijkertijd naar de goede frequenties springen. Om alles nog wat veiliger te maken heeft de FCC (Frequentie Code Commissie) besloten dat de ontvangers niet meer dan 0,4 seconde op hetzelfde kanaal (frequentiebandbreedte) mogen werken. Daarnaast moeten de ontvangers door minimaal 50 kanalen in de 902 MHz band en 75 kanalen in de 2.4 GHz springen. Het IEEE 802.11 comité heeft een standaard geïntroduceerd die de frequentie hopping spread spectrum technologie tot de 2.4 GHz band beperkt. 
Direct sequence spread spectrum is een andere methode van spread spectrum technologie. Een direct sequence zender verspreidt zijn transmissies door bij het te verzenden signaal een extra bit (ook wel “chips” genoemd) op te tellen. De direct sequence spread spectrum technologie voegt aan elke data bit minimaal 10 chips toe. Ook hier geldt dat de direct sequence ontvanger de toegevoegde verspreidingscode moet kennen om het verzonden signaal te ontcijferen. Zodra de ontvanger het versleutelde signaal ontvangen heeft, worden de chips verwijderd en wordt het oorspronkelijke signaal verwerkt. 

Ook bij deze vorm van spread spectrum technologie heeft de FCC een aantal regels geïntroduceerd. Zo moet aan ieder data bit minimaal 10 chips toegekend worden. Hierdoor is de datasnelheid in de 902 MHz band beperkt tot 2 Mbps en in de 2.4 GHz band tot 8 Mbps. Helaas is deze methode gevoelig voor storingen, omdat een verstoring van een chip kan leiden tot het niet kunnen ontcijferen van het verzonden signaal door de ontvanger. Het IEEE 802.11 comité heeft hier besloten om standaard 11 chips te gebruiken bij de direct sequence technologie.

Frequency hopping gebruikt momenteel minder vermogen dan direct sequence en brengt over het algemeen minder kosten met zich mee. Direct sequence heeft daarentegen een hogere data rate van 8Mbps tegenover 2 Mbps bij frequency hopping. Dus als hoge kwaliteit aan de orde is en verstoring niet echt een probleem is, wordt er gekozen voor direct sequence. Voor een kleine, goedkope, draagbare en draadloze adapter voor een notebook of PDA is de frequency hopping methode echter goed genoeg. 

0