Het geheugen van de toekomst

7 reacties
Inhoudsopgave
  1. 1. Functie van het geheugen
  2. 2. DRAM: de basis
  3. 3. DIMM modules
  4. 4. Bandbreedte en wachttijd
  5. 5. Bandbreedte en wachttijd (vervolg)
  6. 6. De praktijk
  7. 7. Sneller geheugen
  8. 8. De wereld van RDRAM
  9. 9. De keerzijde van de medaille
  10. 10. Rekenen aan RDRAM
  11. 11. De waarde van Rambus
  12. 12. DDR-SDRAM
  13. 13. Conclusie
  14. 7 reacties

Bandbreedte en wachttijd (vervolg)

Het vinden van de derde belangrijke wachttijd kost wat meer moeite. Eerst moeten we analyseren wat er gebeurt als twee stukken data achter elkaar worden aangevraagd. De meest ideale situatie doet zich voor als het tweede stuk gegevens in dezelfde rij staat, maar in een andere kolom. Dit wordt in het jargon een ‘page hit’ genoemd. De RAS to CAS latency is dan gelijk aan 0 en we hoeven dus alleen tijdens de periode van de CAS latency te wachten op de nieuwe data. Bij een ‘page miss’ is ook nog de overgang naar een nieuwe rij nodig en zijn zowel de RAS to CAS als de CAS latency van toepassing. De minst ideale situatie doet zich voor als een andere rij in dezelfde geheugenbank nodig is, terwijl de vorige rij nog ‘open’ staat. Zoals gezegd moeten de gegevens eerst opnieuw worden weggeschreven, voordat we nieuwe data kunnen aanvragen. De wachttijd die hiervoor nodig is noemen we ‘Precharge Time’.

De drie belangrijke wachttijden zijn meestal 2T of 3T lang, wat 2 of 3 klokslagen betekent. Bij 100 MHz is één klokslag gelijk aan 10 ns (1 nanoseconde = 0,000001 seconde) De verschillende wachttijden zijn dus in de praktijk meestal 20 of 30 nanoseconde. Vaak wordt bij SDRAM-modules nog een extra code toegevoegd, zoals bijvoorbeeld SDRAM-222. Wat schuilt er achter deze term? De eerste 2 betekent een CAS latency van 2T, de tweede 2 een RAS to CAS latency van 2T en de derde 2 een Precharge Time van 2T. SDRAM-222-modules zijn op dit moment de snelste in hun soort die verkrijgbaar zijn, de langzaamste zijn meestal van het type SDRAM-333. Geeft de fabrikant geen verdere specificaties, dan kunt u er bijna zeker van zijn dat het om een SDRAM-333-module gaat. Het is vaak erg lastig om SDRAM-222-modules te pakken te krijgen. Ze zijn niet alleen sneller, maar ook een stuk duurder. Op de bestaande DIMM-modules is altijd een kleine EPROM-chip aanwezig, waarin de timing-informatie van de module is opgeslagen. Zo weet het moederbord met welke wachttijden rekening moet worden gehouden. Deze EPROM-chip draagt de naam SPD, wat staat voor Serial Presence Detect.

0
*