Aan de slag met virtualisatie

53 reacties
Inhoudsopgave
  1. 1. Inleiding
  2. 2. Virtualisatie thuis
  3. 3. Veel geheugen
  4. 4. Software
  5. 5. Aan de slag
  6. 6. Van fysiek naar virtueel
  7. 7. Conclusie
  8. 53 reacties

Veel geheugen

Virtuele machines zijn uiteraard leuk om mee te experimenteren, maar soms kan een virtuele machine ook simpelweg handig zijn. Denk bijvoorbeeld aan webdevelopers die door verschillende virtuele machines op een computer te installeren kunnen zien hoe hun project er uitziet in verschillende browserversies. Om dat mogelijk te maken heb je niet bepaald heel erg spannende hardware nodig. Goed, een beetje potente (dual-core) processor is wel prettig natuurlijk en een beetje redelijk presterende harde schijf is uiteraard ook welkom, maar het belangrijkste is geheugen, veel geheugen.

OCZ Platinum XTC 6GB DDR3-1600 CL7 triple kit

Iedere virtuele machine heeft wat processorkracht nodig, maar dus voornamelijk geheugen. Veel geheugen zelfs als je het vergelijkt met een gewoon programma; dat geldt zeker voor sommige serveromgevingen zoals Microsoft Small Business Server, dat bijvoorbeeld 4 GB geheugen vereist, ook als virtuele machine. Uiteraard is virtualiseren met weinig geheugen mogelijk, maar wie er serieus mee aan de slag wil kiest bij voorkeur direct voor 6 of 8 GB werkgeheugen en installeert een 64-bit besturingssysteem. Zeker als je ook meerdere omgevingen tegelijk wilt kunnen gebruiken is een meer dan gemiddelde hoeveelheid geheugen noodzakelijk.

Schijfruimte is van minder belang, zeker omdat het bij het aanmaken van een virtuele machine vaak mogelijk is om aan te geven dat een virtuele machine wel denkt te beschikken over een harde schijf van bijvoorbeeld 80 GB, maar dat op de fysieke harde schijf alleen de daadwerkelijke ruimte wordt benut. Overigens heb je niet per se virtualisatieversnelling in je processor nodig (Intel VT of AMD-V): de meeste software kan ook zonder.

0
*