De geschiedenis van de processor - Deel 2

33 reacties
Inhoudsopgave
  1. 1. Pentium
  2. 2. Pentium MMX
  3. 3. Pentium concurrenten
  4. 4. Pentium II
  5. 5. Super Socket 7
  6. 6. Tabel Intel processors uit het Pentium / Pentium II tijdperk
  7. 33 reacties

Pentium

Enkele dagen geleden publiceerden we deel 1 van onze reeks artikelen over de geschiedenis van de processor. In dit eerste deel kwamen de eerste generaties processors aan de orde, van de Intel 4004 tot en met de Intel 486. We gaan nu verder waar we de vorige keer zijn blijven steken... de introductie van de Pentium processor.

Aan het eind van het vorige deel las je dat andere bedrijven als AMD en Cyrix niet onverdienstelijk klonen van de Intel processors fabriceerden. Zoals je je wel kunt voorstellen was Intel alles behalve gelukkig met de concurrenten die hun processors ook de namen '386' en '486' konden geven. De kloonfabrikanten liftten op die manier immers gratis mee op de marketing van Intel. Voor de volgende generatie processors probeerde Intel zodoende een trademark op de naam 80586 te krijgen. Het blijkt echter dat het niet mogelijk is om het merkenrecht te verkrijgen op een nummer en dus moet Intel wat anders bedenken. De processor die in maart 1993 wordt geïntroduceerd krijgt zodoende niet de naam 586, maar 'Pentium', afgeleid van het Griekse 'pente' dat vijf betekent.


Drie generaties Pentium's naast elkaar: P5, P54C en P55C.

Pentium

De reeks vernieuwingen bij de 3,1 miljoen transistors tellende processor is weer enorm. Allereerst is de Pentium de eerste processor met een 64-bit externe databus, zodat datacommunicatie met andere componenten binnen de PC extra snel kan plaatsvinden. De processor heeft twee keer 8 kilobyte cache, één keer voor instructies en één keer voor data. Net als de 486 maakt de Pentium gebruik van pipelining, maar nieuws is dat ook de geïntegreerde floating-point coprocessor is uitgevoerd met pipelining. Verder is de Pentium een 'superscalar' ontwerp, wat betekent dat de processor meerdere instructies parallel kan uitvoeren. De Pentium heeft een tweetal execution-units aan boord, die Intel aanduidde met de namen U-pipeline en V-pipeline. De U-pipeline kan alle denkbare integer- en floating-pointberekeningen uitvoeren, terwijl de V-pipeline alleen geschikt was voor relatief simpele instructies. Desalniettemin zorgen de twee pipelines dat de zogenaamde IPC, Instructions per Clockcycle ofwel het gemiddeld aantal afgeronde instructies per klokslag, boven de 1 komt te liggen, terwijl de IPC van processors tot en met de 486 ergens tussen de 0 en de 1 ligt. Alsof dat alles nog niet genoeg is, heeft de Pentium verschillende powermanagement mogelijkheden aan boord. De eerste Pentium processors werken op 60 en 66 MHz en dienen geplaatst te worden op de 273-pins tellende Socket 4 CPU-voet.

Amper een jaar na de introductie van de eerste Pentium's komt Intel met een tweede, verbeterde versie met codenaam P54C. De nieuwe Pentium's hebben iets meer transistors (3.3 in plaats van 3.1 miljoen) en krijgen daarmee ondersteuning voor dual-processor systemen en hebben een nieuwe Advanced Programmable Interrupt Controller aan boord. De tweede generatie Pentium's worden in eerste instantie geïntroduceerd op 90 en 100 MHz, maar niet snel daarna volgen ook modellen op 75, 120 en 133 MHz. Vanaf 1996 wordt de Pentium gemaakt middels een 0.35 micron productieprocédé en verschijnt de processor op de snelheden 150, 166 en 200 MHz. De nieuwe Pentium's zijn in eerste instantie voorzien van een 320-pin Socket 5 CPU-voet en later van de Socket 7 voet, die ook voor alle latere Pentium's gebruikt zal worden. Mocht je je afvragen wat met Socket 6 is gebeurd: deze voet is wel ontworpen voor een mogelijke Pentium variant, maar is nooit daadwerkelijk toegepast.


De Pentium kende drie sockets: Socket 4, Socket 5 en Socket 7

0
*